Deze website maakt gebruik van cookies om onze diensten te leveren. Door gebruik te maken van onze website, gaat u akkoord met ons gebruik van cookies. Meer informatie over onze cookie policy. Via de browserinstellingen op uw computer kan u geplaatste cookies verwijderen en het plaatsen van nieuwe cookies weigeren. Raadpleeg voor de wijze waarop de helpfunctie van uw browser.

Ysebaert

Wanneer worden ronde ( ) en wanneer rechte haakjes [ ] gebruikt in de classificatie aanduiding?

Een intrinsiek veilige kring bestaat uit een intrinsiek veilig apparaat en een zogenaamd bijhorend apparaat (“associated apparatus”). Alle stroomcircuits van een intrinsiek veilige apparaat zijn intrinsiek veilig, en het apparaat mag dan ook in de Ex-zone geïnstalleerd worden.

Voorbeeld : IS magneetklep van categorie 1G met markering Ex ia IIC T6

Bijhorende apparaten bevatten zowel intrinsiek veilige als niet-intrinsiek veilige circuits, en zijn zodanig ontwikkeld dat de niet-intrinsiek veilige circuits de intrinsiek veilige circuits niet kunnen beïnvloeden. Ze moeten dus steeds in de veilige zone worden geïnstalleerd. Om dit aan te duiden maakt men gebruik van haakjes.

Voorbeeld : galvanische scheiding van categorie (1)G met markering [Ex ia] IIC

De rechte haakjes worden dus gebruikt in de klassieke Cenelec classificatie van bijhorende apparaten, terwijl de ronde haakjes aangewend worden bij de aanduiding van hun categorie.